Uit nieuw onderzoek blijkt namelijk dat prikangst een belangrijke reden is waarom Nederlanders geen donor worden, terwijl de behoefte aan bloed en plasma onverminderd groot blijft
Terwijl miljoenen Nederlanders tijdens de eerste WK-wedstrijd tegen Japan achter Oranje stonden, vroeg Sanquin op Wereld Bloeddonordag aandacht voor een andere vorm van nationale saamhorigheid: bloed geven. Uit nieuw onderzoek blijkt namelijk dat prikangst een belangrijke reden is waarom Nederlanders geen donor worden, terwijl de behoefte aan bloed en plasma onverminderd groot blijft.
“We kleuren massaal oranje, maar uiteindelijk redden we levens met rood,” zegt Joyce Veekman, directeur Communicatie en Marketing van Sanquin. “Veel mensen vinden bloed doneren spannend en dat begrijpen we goed. Tegelijkertijd zijn onze mensen speciaal opgeleid om bloed af te nemen, ook bij mensen met prikangst. We horen van donors achteraf vaak dat het enorm meevalt én dat ze met een klein moment van hun tijd echt levens kunnen redden.”
Om de bloedvoorziening in Nederland stabiel te houden, blijft Sanquin voortdurend op zoek naar nieuwe donors. Landelijk zijn jaarlijks ongeveer 60.000 nieuwe donors nodig, onder meer omdat een deel van de huidige donors stopt door leeftijd, gezondheid, verhuizingen of veranderende persoonlijke omstandigheden.
Toch blijkt het werven van nieuwe donors niet altijd eenvoudig. Uit onderzoek in opdracht van Sanquin, uitgevoerd door Kien Onderzoek onder 511 Nederlanders, blijkt dat ruim een kwart van de niet-donoren (27 procent) geen bloed- of plasmadonor wil worden vanwege angst voor naalden. Daarnaast zegt 16 procent bang te zijn om flauw te vallen tijdens het doneren.
Eén op de vier Nederlanders heeft ooit bloed nodig
Elke dag is bloed nodig om patiënten te helpen of zelfs het leven te redden. “Naar schatting heeft één op de vier Nederlanders ooit bloed nodig. Dat wordt mogelijk gemaakt dankzij de drie procent van de bevolking die daadwerkelijk doneert. Nieuwe donors blijven daarom hard nodig om levens te redden”, zegt Veekman. “Het gaat om kankerpatiënten, slachtoffers van ongelukken, maar ook om vrouwen na een zware bevalling.”
Vraag naar plasma blijft stijgen
“Voor Oranje hopen we vandaag op doelpunten in plaats van rode en gele kaarten. Voor patiënten hopen we juist op meer rood en geel: donorbloed en plasma zijn elke dag onmisbaar”, zegt Veekman. Naast de inzet van bloed voor transfusies is ook bloedplasma steeds belangrijker. Uit bloedplasma worden geneesmiddelen geproduceerd voor de behandeling van patiënten met onder meer brandwonden, afweerstoornissen en auto-immuunziekten.
Volgens Sanquin realiseren veel mensen zich niet hoeveel patiënten afhankelijk zijn van bloed en plasma. “Bloed groeit niet aan bomen. De enige bron die we op dit moment hebben, zijn donors. Mensen die een ongeluk krijgen, complicaties hebben bij een bevalling of leven met chronische aandoeningen zijn iedere dag afhankelijk van donorbloed”, aldus Veekman.
Daarnaast wijst de organisatie erop dat de Nederlandse bloedvoorziening tot de veiligste ter wereld behoort. Donors worden vooraf uitgebreid gescreend en alle donaties worden gecontroleerd op overdraagbare aandoeningen om de veiligheid van donor en patiënt te waarborgen. Plasma is essentieel voor de behandeling van immuunstoornissen, stollingsproblemen en de productie van levensreddende medicatie. “Als iemand een bloedproduct krijgt toegediend, is dat alleen mogelijk dankzij iemand die vrijwillig tijd heeft gemaakt voor een onbekende. Dat blijft bijzonder”, zegt Veekman.
Bron: Sanquin
/a_650_0386.jpg)
/a_650_0208.jpg)
/H325_IST_23785_07241.jpg)
/a_650_1833.jpg)
/a_650_1661.jpg)
/d_650_0211.jpg)
/f_650_0060.jpg)
/H325_IST_27932_00221.jpg)
